Programma 2 beleidsopgaven

Landbouw

Inleiding

De transitie van de landbouw, ingegeven door opgaven voor stikstof, water, biodiversiteit en klimaat, vraagt veel van de boeren in de Drenthe.  

Het NPLG is door het Rijk beëindigd. Hiervoor komt nieuw beleid op basis van wettelijke opgaven. Wij kiezen voor een herijking, maar blijven wel werken aan een samenhangend plan voor de deelgebieden: het Toekomstgericht Landelijk Gebied Drenthe (TLGD). Voor de komende jaren is een extra budget van € 270 miljoen euro beschikbaar. Dit budget is verwerkt in de begroting en gekoppeld aan maatregelen voor landbouw, water- en natuuropgaven.  

In april 2025 is de landbouwkoers Drenthe vastgesteld. Deze koers geeft richting aan de toekomst van de agrarische sectoren. Tegelijkertijd zijn er wettelijke opgaven die vooral invloed hebben op de grondgebonden sectoren en de open teelten. Als provincie erkennen we deze uitdagingen en werken we samen met de sector aan oplossingen. De landbouwkoers biedt een handelingsperspectief van onze agrarische sector en houdt rekening met ontwikkelingen binnen en buiten de agrarische sector. Landelijke opgaven zoals klimaat, water, natuur, biodiversiteit, energie, defensie, woningbouw en bereikbaarheid vragen ruimte en beïnvloeden de ruimtelijke inrichting van Drenthe.

Wij willen boeren ondersteunen bij de transitie die zowel het bedrijfseconomische rendement als de kwaliteit van natuur en landschap versterkt. We zoeken naar een balans tussen economie en ecologie. De Landbouwkoers Drenthe en de (nog) op te stellen uitvoeringsagenda Toekomstgerichte Landbouw spelen hierop in en bieden perspectief voor boeren in Drenthe die toekomstgericht willen ondernemen. Een belangrijke pijler is Duurzaam Boeren Drenthe. Met deze regeling is Drenthe landelijk koploper in het werken met kritische prestatie-indicatoren (KPI’s) op het boerenerf. Voor de komende jaren zijn middelen beschikbaar om emissiereductie in de landbouw te realiseren. Dit gebeurt op bedrijfs- en gebiedsniveau via doorontwikkeling van KPI's, doelsturing, inzet van managementmaatregelen en innovaties.

Met de AgroAgenda Noord-Nederland geven we samen met andere overheden, maatschappelijke organisaties, coöperaties en kennisinstellingen invulling aan de slogan ‘Top-Voedsel uit een Rijk Landschap’. Met de provincie Groningen trekken we samen op bij de Agenda voor de Veenkoloniën en Innovatie Veenkoloniën.

Daarnaast ontvangen we specifieke uitkeringen van het Rijk om de landbouwtransitie te faciliteren. Deze zijn gericht op doorontwikkeling van doelsturing en het stimuleren van innovaties. Het Europese landbouwbudget vanaf 2023 biedt Drentse inkomenssteun via het Gemeenschappelijk Landbouwbeleid (GLB). De nieuwe programmaperiode Nationaal Strategisch Plan/ GLB is gestart in 2023. De eerste provinciale openstellingen lopen vanaf 2024 en lopen door tot en met 2027.  

Wat hebben we bereikt en wat hebben we gedaan?

Doelstelling

Omschrijving doelstelling

Status

Toelichting realisatie

2.01.01 Werken aan een toekomstgerichte landbouw

We zetten in op samenwerking op Drentse en Noord-Nederlandse schaal op het gebied van landbouw en Agribusiness. Dit doen we onder andere via de Agroagenda en Innovatie Veenkoloniën .
In het kader van landbouwstructuurversterking worden een aantal projecten uitgevoerd.
We ondersteunen minimaal vijf (innovatie)projecten in de tuinbouw, akkerbouw, veehouderij en agribusiness gericht op verduurzaming, versterking van de biodiversiteit en verbetering van de financiële inkomenspositie van de deelnemers.
In Drenthe is het Nationaal Strategisch Plan/Gemeenschappelijk Landbouwbeleid uitgewerkt naar een provinciale verordening; deze draagt bij aan de doelen van Drenthe.

AgroAgenda Noord-Nederland
De AgroAgenda Noord-Nederland is een samenwerkingsplatform van partijen in de agroketen, landbouw, overheden, terreinbeheerders, milieufederaties en kennisinstellingen. Het doel: in 2040 zorgt landbouw in Noord-Nederland voor Top-Voedsel uit een rijk landschap. Dat vraagt inzet van alle partijen in de agrofoodsector en het landelijk gebied.  
De AgroAgenda ondersteunt initiatieven van ondernemers, ketenpartijen en bewoners met kennis, expertise en netwerken. Er zijn verschillende deelagenda’s verbonden: MelkveeAgenda, AgroFoodcluster, Innovatie Landbouw Veenkoloniën, ReGeNL, Dairy Campus, kennis Consortium Bodem en Greenport Noord.  
In 2022 zijn drie deelprogramma’s toegekend in het kader van het Nationaal Programma Landelijk Gebied (NPLG): begeleiding van boeren, experimenteergebied en gelijkwaardige positie aan tafel. In 2025 zijn deze uitgevoerd.   

Greenport Noord
Drentse tuinders hebben samen met noordelijke tuinders, waaronder fruittelers, bollentelers, bomentelers en vollegrondsgroentetelers, het samenwerkingsverband Greenport Noord opgericht. Doel: het gezamenlijk oppakken van sectorale opgaven en het versterken van de positie als gesprekspartner richting overheden en landelijke platforms; inmiddels zijn meer dan 100 partners aangesloten, waaronder ondernemers, overheden, kennis- en onderwijsinstellingen en financiers. In 2025 is Greenport Noord partner geworden van de AgroAgenda. Ook doen de noordelijke provincies mee aan het programma Bouwen & Verbinden (2024–2029). Dit programma draagt bij aan de Drentse landbouwkoers door te investeren in samenwerking, innovatie en verduurzaming binnen het tuinbouw- en agribusiness-cluster. Hiermee wordt gewerkt aan versterking van het verdienvermogen, ketensamenwerking en toekomstbestendige productie, in lijn met de doelen rond kringlooplandbouw en innovatie. Daarnaast ondersteunt het programma de regionale samenwerking die nodig is om economische ontwikkeling te verbinden met opgaven op het gebied van klimaat, water en bodem

Landbouwstructuurverbetering
Grondeigenaren hebben goed gebruik gemaakt van de middelen voor vrijwillige kavelruil. Deze middelen zijn bedoeld voor projecten die de landbouwstructuur verbeteren. De doelstellingen voor wat betreft het aantal hectares geruilde grond zijn door Prolander gehaald. In 2025 is in totaal 1391 hectare gerealiseerd, dit is meer dan de geplande 1.100 hectare. In totaal deden 206 partijen mee.  

Subsidieregeling Toekomstgerichte Landbouw
Met deze regeling stimuleert de provincie Drenthe agrariërs en ondernemers (mkb) in de agribusiness om te innoveren, moderniseren, verduurzamen en kennis te delen. In 2025 kregen drie projecten subsidie: Rumex Spotsprayer in Cichorei, GPS-gestuurd plantsysteem voor Miscanthus en Robot One voor Onkruidbestrijding in Bloembollen.

Eiwittransitie & Korte Ketens
Het initiatief Dubbel Drents verkleint de afstand tussen producent en consument door lokale voedselketens te versterken. Met een LEADER-subsidie is een platform ontwikkeld streekproducten. Eind 2024 is een EIP-subsidie toegekend om het concept op te schalen naar alle Drentse gemeenten. Daarmee draagt Dubbel Drents bij aan een duurzaam, transparant en regionaal voedselsysteem.

Duurzame Bollenteelt Drenthe / Drentse Lelie
In 2025 is het Programma Duurzame Bollenteelt Drenthe afgerond. Dit programma is een samenwerking van het Ministerie van LNV, gemeente Westerveld, het Waterschap Drents Overijsselse Delta, de KAVB, HLB-research en middelendistributeurs. Het programma beoogt een duurzame landbouw die voldoet aan de doelstellingen van het Ministerie van LNV, zoals verwoord in de Toekomstvisie gewasbescherming 2030. In 2025 is een nieuw project gestart: De Drentse Lelie. Dit initiatief van de sector is financieel ondersteund door de provincie. Alle Drentse lelietelers doen mee.

Interbestuurlijk programma vitaal platteland
In 2025 is de uitvoering van dit programma afgerond. In drie deelprojecten is gewerkt aan natuurinclusieve – en kringloop landbouw: Circulaire Boermarke Zeijen, de onderzoeksboerderij Eytemaheert en Samenwerking akkerbouw en melkveehouderij.  De resultaten zijn te vinden op https://www.provincie.drenthe.nl/ibp-vitaalplatteland/nieuws/

Plattelandsprogramma GLB-NSP
Het programma POP3 is in 2025 afgerond en financieel afgesloten. De nieuwe programmaperiode GLB-NSP 20223-2027 is gestart.  In 2023 is de provinciale verordening door Provinciale Staten vastgesteld en zijn de eerste openstellingen geweest voor de LEADER-gebieden Oost- en West Drenthe. De projecten Renovatie en herbestemming Tramloods in Frederiksoord en De Venehoeve in 2e Exloërmond zijn twee aansprekende voorbeelden van initiatieven die met ondersteuning van het LEADER-programma succesvol tot stand zijn gekomen. In 2025 zijn er openstellingen geweest gericht op het verbeteren van de waterkwaliteit en het stimuleren van samenwerkingsprojecten gericht op de innovatie in de landbouw.

2.01.02 Bijdrage Regiodeal Natuurinclusieve Landbouw

De Regiodeal Natuurinclusieve landbouw bestaat uit twee onderdelen: de projecten die op het Drents Plateau worden uitgevoerd en de projecten in de Veenkoloniën, op het gebied van natuurinclusieve landbouw.  

Duurzaam Boeren Drenthe
Eind 2023 is het programma Duurzame Melkveehouderij Drenthe afgerond, waar een kwart van de Drentse melkveehouders (232) aan heeft deelgenomen. In een kort filmpje wordt uitgelegd wat het project inhoudt: https://youtu.be/Yxmdn8Oq7aw. In 2023 is het vervolg van start gegaan met Duurzaam Boeren Drenthe, waarvoor zich 387 melkveehouders hebben opgegeven. De deelnemende boeren worden begeleid door 8 gebiedscontactpersonen: 8 melkveehouders die tevens deelnemer zijn aan het project. Zij zijn aanspreekpunt voor deelnemers in hun gebied. Ze vormen een laagdrempelige vraagbaak en willen hun collega melkveehouders ondersteunen bij verduurzamen van hun bedrijf. Ook wordt ingezet op kennis delen tussen boeren. Voor de akkerbouw is samen met een aantal sectorpartijen gestart met een pilot met 37 deelnemers waar de biodiversiteitmonitor akkerbouw als uitgangspunt wordt gebruikt. Centraal staat kennisontwikkeling en toepassing, technische implementatie en implementatie in publieke en private partijen. In 2025 is een vervolg van Duurzaam Boeren Drenthe gelanceerd waaraan 430 melkveehouders deelnemen, de beloningsregeling is geactualiseerd en het kennisprogramma doorgezet en verbreed.

Boer Burger Natuur Drenthe
Vanuit de Regio Deal natuurinclusieve landbouw is verbinding gelegd met Boer Burger Natuur Drenthe. De gekozen aanpak sluit aan bij het gemeenschappelijk doel van deze Regio Deal: het ontwikkelen en testen van instrumenten die natuurinclusief boeren aantrekkelijk en rendabel maken. Het programma Boer Burger Natuur Drenthe is formeel al in 2024 afgerond. Sommige  onderdelen, zoals het boekweitproject en actieplannen in deelgebieden zijn in 2025 zelfstandig verder gegaan onder het programma Toekomstgerichte Landbouw. In 2025 zijn een aantal deelgebieden actief geweest met het afronden van de uitvoering van hun actieplannen voor natuurinclusieve landbouw. Voor wat betreft het zoeken naar nieuwe teelten is het project boekweitteelt afgerond. Daarnaast zijn trajecten gestart voor biodiversiteit. Zo is budget vanuit Ermberaad voor de flexibele maatwerkregeling boerenlandvogels ingezet waarmee boeren worden gecompenseerd voor opbrengstderving om maatregelen te treffen ten behoeve van boerenlandvogels zoals Kievit, Grutto en Wulp. Het gaat daarbij bijvoorbeeld om later maaien, het aanleggen van plas dras en het plaatsen van vossenrasters.

Agenda en Innovatie Veenkoloniën
In 2025 hebben de Agenda voor de Veenkoloniën en Innovatie Veenkoloniën (IVK) hun samenwerking verder uitgewerkt. De Agenda is geëvalueerd en herijkt. Het platform blijft bestaan en werkt aan een uitvoeringsprogramma. De verbinding met IVK is versterkt, onder meer voor waterinfrastructuur en groenblauwe dooradering. Ook is aandacht voor doorwerking van de Regio Deal natuurinclusieve landbouw.
IVK is doorontwikkeld van gebiedsplan naar gebiedsprogramma met planning en financiële onderbouwing. Programmalijnen richten zich op landbouwinnovatie, bodem en water, emissiereductie en agrarisch natuurbeheer. Doelsturing en monitoring zijn verbeterd, onder andere via de biodiversiteitsmonitor akkerbouw en nitraatmetingen. Er zijn praktijkdagen en scholing voor overheden georganiseerd. Ook is BoerenPerspectief onder de aandacht gebracht als onafhankelijke ondersteuning voor agrariërs.

2.01.03 Reductie van emissies door doelsturing, managementmaatregelen en innovatie

Reductie van emissies realiseren we met doelsturing (kpi-aanpak), onderzoek naar en het stimuleren van managementmaatregelen en innovatie. Onder deze doelstelling richten we het instrumentarium in waarmee we boeren ondersteunen met managementmaatregelen, investeringen en ondersteuning van innovaties.

In Drenthe staat het ondernemerschap van de agrariër centraal: de boer aan het roer. Dit stimuleren we met doelsturing. Het principe van doelsturing vertaalt complexe opgaven naar praktische Kritische Prestatie Indicatoren (KPI’s). Deze maken we inzichtelijk voor boeren.
Doelsturing verschilt van sturen op maatregelen. De boer bepaalt zelf welke maatregelen passen bij zijn bedrijf, locatie en toekomstvisie. Hij krijgt een ‘gereedschapskist’ met opties zoals:

  • managementmaatregelen (bijvoorbeeld verlagen van ruw eiwit);
  • technische innovaties (zoals stikstofstrippers en mestvergisting);
  • mogelijkheden voor pacht, nieuwe teelten, bedrijfsverbreding en kennisprogramma’s.

De visie: boeren krijgen een duidelijke stip op de horizon met normen voor 2035. Deze normen worden dan wettelijk verplicht. Tot die tijd ondersteunt de provincie met een instrumentenkoffer vol regelingen, subsidies en kennisprogramma’s. Als boeren de norm niet halen, volgen sancties. De provincie onderzoekt welke KPI’s en eenheden nodig zijn en hoe normen juridisch vastgelegd kunnen worden, bijvoorbeeld in de Omgevingsverordening. Landbouw- en natuurpartners zijn hierbij actief betrokken.  

Onderzoek naar en het stimuleren van managementmaatregelen en innovaties
In de afgelopen jaren zijn er al een aantal openstellingen geweest in het kader van de Investeringsregeling Reductie Stikstofemissie Noord Nederland. Deze vallen uiteen in twee categorieën: Laaghangend en Hoog hangend fruit.  

Emissiereductie stikstof (regeling laaghangend Fruit)
In deze regeling die wordt uitgevoerd met Friesland en Groningen worden laagdrempelige maatregelen gesubsidieerd waarbij de reductie ten goede komt aan de natuur. In de komende jaren willen we deze regeling verder uitbouwen. Binnen deze regeling zijn al maatregelen uitgevoerd. De potentie van deze maatregelen is in beeld gebracht door het Nutriënten Management Instituut (NMI). Het NMI komt in deze rapportage tot een gemiddelde reductie van 11,5% per deelnemer. Deze resultaten zijn nog niet geborgd. Het geeft een goed aanknopingspunt voor een vervolg. Momenteel ligt de regeling stil vanwege de vergunningenproblematiek.

Emissiereductie stikstof (regeling hoog hangend Fruit)
Melkveehouderijen nabij Natura2000-gebieden staan voor de opgave om stikstofemissies substantieel te reduceren. Een kansrijke maatregel is mono-mestvergisting in combinatie met ammoniakstrippen tot RENURE. Deze techniek draagt bij aan zowel emissiereductie als kringlooplandbouw. Mono-mestvergisting zet organische stof in mest om in biogas, waardoor methaanemissies uit opslag worden voorkomen. Tijdens dit proces wordt stikstof grotendeels omgezet in ammonium, wat vervolgens via striptechnologie kan worden verwijderd en verwerkt tot RENURE, een kunstmestvervanger die voldoet aan Europese normen. Dit leidt tot:

  • Verminderde ammoniakemissie bij opslag en uitrijden van mest;
  • Vermindering van kunstmestgebruik en daarmee indirecte stikstofuitstoot;
  • Sluiting van de regionale nutriëntenkringloop.

Ook deze regeling ligt stil vanwege de stikstofproblematiek. De komende tijd onderzoeken we hoe en waar een vervolg mogelijk is.

2.01.04 Transitie Landelijk gebied

Grond is een instrument om provinciale doelstellingen in het landelijk gebied te kunnen realiseren. Dit is vastgelegd in de nota Grondbeleid en het Grondstrategieplan Landelijk Gebied.
De opgaves in het landelijk gebied zijn de Natuurvisie 2040, het Programma Natuurlijk Platteland (PNP), het programma Natuur en toekomstige doelen. In de paragraaf Grondbeleid van de begroting zijn de doelstellingen verder uitgewerkt.
Voor de financiering van de aankopen beschikken wij over het investeringskrediet grondbezit Landelijk Gebied.
Van belang is dat er middelen beschikbaar zijn voor het overbruggen van waardeverschillen die gaan ontstaan als gevolg van het realiseren van beleidsdoelen. Hiervoor zijn middelen beschikbaar uit onder andere specifieke uitkeringen en aanvullende middelen vanuit het Rijk.

Nadere informatie is te vinden in paragraaf I.2.7 Grondbeleid.

Welke feiten en cijfers zijn er?

Zie voor feiten en cijfers het provinciale Dashboard Landbouw:

https://www.drentheincijfers.nl/natuurenlandbouw/landbouw.php

Wat heeft deze beleidsopgave gekost?

2.01 Landbouw

Primitieve begroting

Begroting na wijziging

Realisatie

Verschil

Lasten

12.697.417

13.096.839

16.026.976

-2.930.137

Doelstelling 2.01.01 Werken aan een toekomstgerichte landbouw

12.697.417

7.852.822

10.283.187

-2.430.365

Doelstelling 2.01.02 Bijdrage Regiodeal Natuurinclusieve Landbouw

0

1.824.017

1.574.331

249.686

Doelstelling 2.01.03 Reductie van emissies door doelsturing, managementmaatregelen en innovatie

0

3.420.000

4.169.458

-749.458

Baten

-7.705.756

-9.763.512

-10.426.272

662.760

Doelstelling 2.01.01 Werken aan een toekomstgerichte landbouw

-7.705.756

-4.519.495

-4.682.484

162.989

Doelstelling 2.01.02 Bijdrage Regiodeal Natuurinclusieve Landbouw

0

-1.824.017

-1.574.331

-249.686

Doelstelling 2.01.03 Reductie van emissies door doelsturing, managementmaatregelen en innovatie

0

-3.420.000

-4.169.458

749.458

Saldo

4.991.661

3.333.327

5.600.704

-2.267.377

Ontwikkelingen

We ondersteunen het Rijk bij de transitie van de landbouw en dragen bij aan Europese doelen voor stikstof, water, natuur, klimaat en een leefbaar platteland. Onze rol als provincie is het borgen van het landbouwperspectief in het TLGD en het voortzetten van lopende trajecten, zoals doelsturing en innovatie.  

De opgaven kunnen alleen gerealiseerd worden met medewerking en draagvlak van de landbouw. Daarvoor is een langjarig perspectief nodig. Boeren moeten weten welke richting de Nederlandse landbouw opgaat, zodat zij economisch duurzame keuzes kunnen maken. Dit perspectief wordt samen met het Rijk verder ingevuld. In 2025 hebben wij de landbouwkoers 2040 vastgesteld als eerste stap naar een Drents perspectief. 

Hieronder de belangrijkste landelijke ontwikkelingen die (direct of via EU-kaders) de Nederlandse landbouw momenteel raken: 

  1. Mestbeleid / Nitraatrichtlijn: einde derogatie en opvolgende regels (2026–): 

2025 is het laatste jaar met derogatie. Vanaf 2026 geldt de EU-norm van 170 kg stikstof per hectare. Het 8e Actieprogramma Nitraatrichtlijn start in 2026. Dit hangt samen met productieplafonds en monitoring. 

  1. Stikstof en vergunningverlening: juridische “reparaties” en borging reductie: 

Het kabinet werkt aan maatregelen om vergunningverlening weer vlot te trekken (startpakket “Nederland van het slot”). Voor de landbouw en gebiedsprocessen is het traject rond PAS-melders/PAS-projecten belangrijk: wijziging Omgevingswet met advies Raad van State en behandeling in de Kamer.  

  1. Kaderrichtlijn Water (KRW): KRW-doelen moeten uiterlijk 2027 gehaald worden; dit betekent meer druk op emissies uit landbouw.  
  2. Dierwaardige veehouderij: uitwerking Wet dieren via AMvB en monitoring: 

In 2025 zijn afspraken en een traject voor nieuwe dierenwelzijnsregels gepresenteerd; de kern is uitwerking via AMvB (koppeling aan eerder aangepast wettelijk kader) en inrichting van monitoring. 

  1. Herziening pachtregelgeving: nieuw pachtrecht, langere looptijden en duurzaamheidsafspraken: 

Sinds 15 december 2025 staat een internetconsultatie open voor herziening van het pachtrecht (sluiting 9 februari 2026). Doel: o.a. langjarige pacht stimuleren en ruimte voor duurzaamheidsafspraken in pachtcontracten.  

  1. Grondgebondenheid en verantwoorde mestafzet (melkveehouderij):  

Er loopt een traject voor wettelijke normen rond grondgebondenheid en mestafzet (initiatiefwet; consultatiestukken circuleren).  

  1. Gewasbeschermingsmiddelen: teeltvrije zones, driftreductie en “spuitzones” in ruimtelijke besluiten: 

Dit dossier zit op het snijvlak van toelating/gebruikseisen (Ctgb, Wet gewasbeschermings-middelen en biociden) en ruimtelijke besluitvorming onder de Omgevingswet (o.a. omgang met 50m spuitvrije zones bij nieuwbouw).  

  1. EU Natuurherstelverordening: nationale natuurplannen met impact op landbouwgebieden: 

De Natuurherstelverordening is van kracht; Nederland moet een concept-natuurplan uiterlijk 1 september 2026 indienen (definitief plan uiterlijk 1 september 2027). Dit kan doorwerken in onder andere veenweide, beekdalen en zones rondom natuurgebieden. 

  1. EU-Onderhandelingen over GLB en fondsen: 

Tussen de Europese Commissie, het Europees Parlement en de lidstaten wordt onderhandeld over de beschikbare financiën voor de periode 2028-2034. Het GLB wordt ingebed in het Nationaal en Regionaal Partnerschapsfonds. Het doel van deze nieuwe structuur is een eenvoudiger en flexibeler GLB dat breder inzetbaar is en samenwerking tussen sectoren bevordert. 

Agrarisch Natuurbeheer  
In de Voorjaarsbesluitvorming van 2025 (Kamerstuk 36725-XIV, nr. 3) heeft het kabinet in het Startpakket MCEN € 200 miljoen per jaar beschikbaar gesteld voor uitbreiding van Agrarisch Natuurbeheer vanaf 2026. Het grootste deel van dit bedrag gaat naar de regeling Agrarisch natuur- en landschapsbeheer (ANLb). 

Het huidige ANLb richt zich op beheer voor soorten die afhankelijk zijn van landbouwgebieden en op het versterken van het landschap. Op basis van onder andere de uitwerking van de Natuurherstelverordening wordt het doelenkader geactualiseerd. De middelen voor ANLb worden stapsgewijs verhoogd. Met deze uitbreiding krijgen boeren meer perspectief om via agrarisch natuurbeheer bij te dragen aan doelen voor natuur, water en klimaat. 

Deze pagina is gebouwd op 04/21/2026 15:34:05 met de export van 04/21/2026 15:13:52