Inleiding
Wij hebben de wettelijke taak om bestemmingen van gronden goed te verdelen en erop toe te zien dat gemeentelijke omgevingsplannen passen bij provinciale ruimtelijke beleid. Ons ruimtelijk beleid staat in de Omgevingsvisie en de Omgevingsverordening. Daarmee sturen we op de gewenste ruimtelijke ontwikkeling van Drenthe. We werken aan een nieuwe Omgevingsvisie. Daarin leggen we vast hoe we omgaan met klimaatverandering, energievoorziening, het landelijk gebied, wonen, werken, ondernemen en bereikbaarheid van dorpen en steden. Daarbij houden we rekening met de nieuwe Nota Ruimte van het Rijk. Het Rijk heeft ons gevraagd om via het programma NOVEX inbreng te leveren voor deze nieuwe Nota Ruimte. Ook wil het Rijk hierover afspraken maken. De samenwerking met het Rijk in de NOVEX-gebieden Groningen-Assen en Zwolle zijn daarbij belangrijk. Defensie heeft meer ruimte nodig om haar veiligheidstaak uit te voeren. Eind 2025 is daarom het Nationaal Programma Ruimte voor Defensie (NPRD) vastgesteld. Voor Drenthe betekent dit onder meer een uitbreiding van oefenterrein De Haar met circa 292 hectare. Ook worden bestaande terreinen aangewezen als helikopterlandingsplaatsen, komen er meer vliegbewegingen en worden graafmogelijkheden verruimd. Daarnaast heeft Defensie een bredere impact op onze leefomgeving. De nieuwe Wet op de defensiegereedheid (Wodg) maakt intensiever oefenen mogelijk door ruimere milieunormen en kortere procedures. Ook worden kazernes in Havelte en Assen vernieuwd. Sinds 2024 zijn wij daarom intensief in gesprek met Defensie, gemeenten, waterschappen en de veiligheidsregio. In 2025 hebben wij ook onze Drentse Agenda Defensie en Veiligheid vastgesteld. Daarin kijken we naar kansen voor Drenthe, vooral op het gebied van economie, onderwijs en logistiek. In 2026 werken wij dit verder uit en blijven we nieuwe kansen verkennen. We blijven nauw betrokken bij het gebiedsproces rond de uitbreiding van het oefenterrein De Haar, samen met de gemeente Midden-Drenthe. Er is maatschappelijk veel aandacht voor de woningnood en meer regie op de woningmarkt. Het Rijk werkt aan een nieuwe Regiewet en een grotere rol voor provincies vanaf 2026. De Wet Versterking Regie op de Volkshuisvesting geeft het Rijk en provincies meer invloed op waar, hoeveel en voor wie we bouwen. De wet ligt nu bij de Tweede Kamer. Wij bereiden ons voor op deze nieuwe rol en moedigen gemeenten aan om bij beleidsactualisatie rekening te houden met deze kaders. Onze woonagenda heeft drie pijlers: Het accent ligt op versnelling van woningbouw via het Impulsteam Wonen, subsidies voor transformatie en woningsplitsing en ondersteuning van CPO-projecten. Het Impulsteam helpt gemeenten om plannen sneller uit te voeren en adviseert over tijdelijke woonoplossingen (flexwonen). Ook ondersteunt het collectieve bewonersinitiatieven. Daarnaast zijn er financiële regelingen voor gemeenten en ontwikkelaars. Met het programma Wonen voeren we de acties uit de woonagenda uit. De provinciale woningbouwmonitor volgt de voortgang. Het woningmarktonderzoek van 2025 vormt de basis voor het provinciaal volkshuisvestelijk programma. Via een participatieplan betrekken we alle stakeholders om draagvlak te creëren. Deze aanpak past bij onze nieuwe sturende rol op basis van de toekomstige Wet versterking regie op de volkshuisvesting, die nog in behandeling is in de Eerste Kamer. De wet treedt naar verwachting op 1 juli 2026 inwerking. Binnen 12 maanden na inwerkingtreding, 1 juli 2027, dient een provinciaal volkshuisvestingsprograma afgerond te zijn. Voor de woningbouwopgave in Drenthe is meer wederkerigheid van het Rijk nodig. Dat signaleren wij in de Provinciale Rapportage Randvoorwaarden Woningbouw die we in het najaar van 2025 publiceerden. Eind 2025 heeft het Rijk WoKT-middelen (Woningbouw op Korte Termijn) verdeeld, maar miste daarmee duidelijke kansen om de regio te versterken: slechts een zeer klein deel landde in Drenthe. Dit was aanleiding voor bestuurders van Drentse gemeenten, woningcorporaties en de Provincie om de handen ineen te slaan om de komende tijd gezamenlijk de Drentse woonlobby te intensiveren. |
|---|
Wat hebben we bereikt en wat hebben we gedaan?
Doelstelling | Omschrijving doelstelling | Status | Toelichting realisatie |
|---|---|---|---|
3.01.01 Wonen - volkshuisvestingsbeleid | |||
Ons doel is; ‘Voor elke Drent een thuis’. 2025 staat in het teken van de uitvoering van de Drentse Woonagenda 2024-2028. Vanuit de wet versterking regie volkshuisvesting krijgt de provincie een grotere rol in het opstellen en uitvoeren van volkshuisvestelijk beleid. Naast het stimuleren, coördineren en lobbyen breiden we onze rol op een aantal vlakken uit. De provincie gaat een grotere rol innemen in het inzichtelijk maken van de volkshuisvestelijke opgaves, het opstellen van het volkshuisvestelijk programma en treden we meer handhavend op. Deze extra taken maken dat er vanaf 2025 meer capaciteit en middelen nodig zijn. Bij de presentatie van de woonagenda wordt hierop meer inzicht gegeven. In 2025 zetten we vanuit beleid Wonen in op: |
| In 2025 hebben wij ingezet op het meer en sneller realiseren van betaalbare woningen. We hebben hiertoe actief de woningbouwkansen in Drenthe bij het Rijk onder de aandacht gebracht middels onder andere een duidelijk Drents Bod. Ondanks de duidelijke potentie voor grootschalige woningbouw bij Assen en Emmen zien we in de ontwerp Nota Ruimte enkel regionaal grootschalige woningbouwlocaties aangewezen in Drenthe. We stelden hierover vragen aan de Kamer en spraken met het Rijk over deze potentie en onze verdere woningbouwambities tijdens verschillende werkbezoeken van het Rijk aan Drenthe. Belangrijk in dit kader was het bezoek van de Koning, vergezeld door minister Keijzer aan Assen waar de ruimtelijke opgaven en ambities in het NOVEX-gebied centraal stonden. In 2025 is er opnieuw een Drents wooncongres georganiseerd. Met 150 betrokken deelnemers stond één vraag centraal om te verkennen: “Hoe bouwen we samen aan een toekomstbestendig Drenthe”? Via interactieve workshops gingen deelnemers aan de slag met urgente thema's zoals biobased bouwen, parallel plannen en woningsplitsing. Voormalig rijksadviseur Wouter Veldhuis riep tijdens zijn betoog op om verder te kijken dan alleen het stapelen van stenen. Zo werd het Wooncongres niet alleen een plek voor ontmoeting en inspiratie maar ook een startpunt voor gezamenlijke actie. In 2025 is gewerkt aan een provinciaal afgestemde urgentieregeling. Op verzoek van gemeenten en woningcorporaties hebben wij hierbij een coördinerende rol vervuld. De regeling is vergevorderd en wordt naar verwachting in 2026 vastgesteld door de twaalf gemeenteraden. Daarnaast heeft de provincie in 2025 een regisserende rol vervuld in opdracht van de gemeentelijke opdrachtgevers voor de provinciale samenwerking op het woonwagendossier. Voor de huisvesting van arbeidsmigranten zijn in 2025 stappen gezet om de provinciale rol en visie verder te ontwikkelen. Dit bevindt zich nog in een verkennende fase. Zowel woonwagens als huisvesting van arbeidsmigranten vallen onder de Wet versterking regie volkshuisvesting en worden aangemerkt als bijzondere doelgroepen met specifieke woonvormen. | |
3.01.02 IBT – regie huisvesting statushouders | |||
Ons doel is het intensiveren van de IBT-taak (in tijd en senioriteit) op grond van veranderingen in de asielopgave en aanhoudende problemen op de woningmarkt. Hiermee denken we de gemeenten beter te kunnen ondersteunen bij de realisatie van hun taakstelling en daarmee het behalen van de regionale opgave. |
| Er vinden regelmatig overleggen plaats met gemeenten over de realisatie van huisvesting voor statushouders. In 2025 heeft de gedeputeerde met alle gemeenten bestuurlijke gesprekken gevoerd over de voortgang. Daarnaast informeren wij de gemeentelijke colleges twee keer per jaar over de stand van zaken. Elke twee weken is er een ambtelijke Provinciale Regietafel. Hier bespreken gemeenten, Centraal Orgaan opvang Asielzoekers (COA), Nidos en Veiligheidsregio Drenthe de ontwikkelingen rond asiel, de opvang van Oekraïeners en de huisvesting van statushouders. Bestuurders komen meerdere keren per jaar bijeen in de bestuurlijke Provinciale Regietafel om dezelfde onderwerpen te bespreken. Op uitvoeringsniveau zijn er aanvullende overleggen met gemeenten ter ondersteuning. Deze overlegvorm wordt positief gewaardeerd. Het versterkt het netwerk door kennis, informatie en praktijkervaringen uit te wisselen, ook vanuit het Rijk en het COA. In 2025 zijn twee themabijeenkomsten georganiseerd. In juni was er, samen met het Ministerie van VRO, een bijeenkomst over doorstroomlocaties (DSL). Het Ministerie van Asiel en Migratie (AenM), De Thuisgevers en de gemeente Kampen leverden bijdragen. In oktober volgde, samen met de provincie Overijssel, de bijeenkomst Versnellen door creativiteit, die druk werd bezocht. De focus lag op het versnellen van huisvesting voor statushouders, maar ook oplossingen voor andere woningzoekenden, zoals starters, jongeren en economisch daklozen. Tijdens workshops verkenden gemeenten, woningcorporaties en maatschappelijke organisaties hoe bestaande woonruimte sneller en flexibeler kan worden benut. Voorbeelden zijn woningdelen, woningsplitsing, hospitaverhuur en tijdelijk gebruik van leegstaande panden. De bijeenkomst bood gemeenten concrete handvatten om versneld huisvesting te realiseren voor statushouders en andere doelgroepen. Om kennisdeling verder te bevorderen ontwikkelen de provincies Drenthe en Overijssel een netwerkkaart met contactpersonen rond innovatieve woonvormen. Deze wordt begin 2026 gepubliceerd. In de tweede helft van 2025 is bovendien een duidelijke inhaalslag gemaakt. Provinciaal breed is in deze periode de taakstelling behaald en is extra inzet gepleegd om achterstanden in de huisvesting van statushouders terug te dringen. Door de gezamenlijke inzet van gemeenten, corporaties, COA, Nidos en de provincie is in de laatste maanden van 2025 een deel van deze achterstand ingelopen. | |
3.01.03 Wonen – programma uitvoering regionale woondeals | |||
Er zijn voor Drenthe 3 regionale woondeals afgesloten voor de periode 2022 t/m 2030 waarin is afgesproken dat in die periode netto minimaal 13.000 woningen worden toegevoegd. In voorjaar 2024 is met BZK afgesproken dat het aantal voor Drenthe is gesteld op 16.200 bruto. In de ondertekende afspraak tussen BZK, Provincie en gemeenten staat opgenomen dat de provincie jaarlijks € 4,5 mln. beschikbaar stelt voor de ondersteuning aan gemeenten t.b.v. de realisatie van de opgave. En dat de provincie de monitoring op de kwalitatieve en kwantitatieve voorwaarden faciliteert en zich daarover verantwoord richting het BZK. De wijze van monitoring (het hoe) is vastgelegd tussen BZK, IPO en VNG. |
| In 2025 liggen wij op koers met betrekking tot de voortgang van de regionale woondeals, zowel qua aantallen als betaalbaarheid. Ook in 2025 heeft de provincie Drenthe samengewerkt met de regionale woondealpartners om de bouw van 16.200 woningen te bevorderen. Het Impulsteam Wonen is op verschillende manieren ingezet, vooral voor directe en indirecte advisering. Het team adviseerde onder andere over woonplannen en tijdelijke woonoplossingen, zoals flexwonen. Deze inzet leidde opnieuw tot succesvolle ondersteuning van tientallen collectieve bewonersinitiatieven (wooninitiatieven). Daarnaast is het impulsteam uitgebreid, zodat meer ondersteuning mogelijk is en deze inzet duurzaam is geborgd. Vanaf begin 2025 helpt het impulsteam gemeenten ook bij het begeleiden van reguliere woningbouwprojecten. In 2025 is de subsidie transformatie en woningsplitsing opengesteld. Deze subsidie vult bestaande regelingen aan, zoals de knelpuntenpot, inzet personele capaciteit en subsidie voor collectieve woonvormen. In totaal is in 2025 € 2,6 miljoen verleend aan 38 verschillende projecten. Gemeenten werken steeds beter met het monitoringsysteem. In 2025 is het systeem verder doorontwikkeld om de gebruiksvriendelijkheid en datakwaliteit te verbeteren. Inmiddels maken negen gemeenten gebruik van de Publieke Woningbouwkaart. Naar verwachting sluiten de overige gemeenten begin 2026 aan. Er zijn diverse gemeenten die capaciteit vanuit het impulsteam hebben afgenomen. In 2025 is daarom het impulsteam ook uitgebreid met 2 projectleiders. De voorzitter van de Versnellingstafel heeft kennismakingsgesprekken gevoerd met wethouders van gemeenten en bestuurders van woningcorporaties om de Drentse Versnellingstafel onder de aandacht te brengen. Uit deze gesprekken kwamen thema’s en aandachtspunten die waardevolle input vormen voor verdere ontwikkeling. Denk hierbij aan onderwerpen als stikstof, capaciteit, spuitzonering en vergunningverlening. De Drentse Versnellingstafel heeft tijdens bijeenkomsten in mei, juni en december zeven casussen in behandeling genomen. | |
3.01.04 Wonen – programma circulair bouwen | |||
Ons doel is:
|
| In 2025 heeft de provincie twee keer een leergang circulair bouwen gefinancierd in samenwerking met de Hanzehogeschool. Daarnaast zijn gesprekken gevoerd met de Vereniging Circulair Groningen Drenthe, onderwijsinstellingen en Europese partners over een gezamenlijke aanpak om circulair bouwen te stimuleren. Over de verdere uitwerking hiervan rapporteren wij in 2026. | |
3.01.05 Ruimtelijke ontwikkeling van Drenthe mét ruimtelijke kwaliteit | |||
Ons doel is dat de ruimtelijke ontwikkeling van Drenthe met kwaliteit wordt uitgevoerd: de juiste functie op de juiste plek, zuinig gebruik maken van de ruimte die we hebben, de ruimte zo inrichten dat we die goed kunnen gebruiken en met zorg inpassen zodat de identiteit en landschappelijke kwaliteit van Drenthe behouden blijft. Het ruimtelijke beleid is vastgelegd in de Omgevingsvisie met doorwerking in de Omgevingsverordening, We zien erop toe dat de gemeentelijke plannen zich hiertoe verhouden. Met subsidies ondersteunen we initiatieven die de ruimtelijke kwaliteit van Drenthe verbeteren. |
| In 2025 is de contournota van de Omgevingsvisie uitgewerkt tot een concept. Dit gebeurde na een uitgebreid participatieproces. GS hebben het concept vrijgegeven voor consultatie met partners en PS. Daarnaast is de Notitie Reikwijdte en Detailniveau voor de plan-MER ter inzage gelegd. Deze analyse vormt de onderbouwing voor de Omgevingsvisie. | |
3.01.06 Ruimtelijke ontwikkeling van Drenthe - Stads- en dorpsvernieuwing & retail | |||
Ons doel is goed functionerende en aantrekkelijke en vitale centrumgebieden van steden en dorpen, omdat deze belangrijk zijn voor de leefbaarheid van kernen en omdat deze een economische en sociaal-maatschappelijke functie hebben en belangrijk zijn als ontmoetingsplaats. Om zorg te dragen voor een leefbaar platteland waarin het ook prettig wonen is in de kleine kernen, werken wij aan een nieuwe subsidieregeling voor dorpsvernieuwing. Verschillende dorpen hebben zich ingespannen om een dorpsvisie op te stellen, maar missen vaak handelingsperspectief om deze uit te kunnen voeren. Met het Dorpsvernieuwingsfonds ondersteunen wij gemeenten en dorpen met bij de financiering van robuuste en toekomstbestendige dorpsvisies en/of -uitvoeringsplannen en -programma’s’. Hiervoor sluiten we expliciet aan bij de bestaande dorpsvisies en gemeentelijk beleid. Inzet op dorpsvernieuwing doen we met de betrokken inwoners, dorpsorganisaties en gemeenten. In 2025: |
| Medio 2025 zijn de subsidieregelingen voor het Regiostedenfonds 2.0, het Grote Kernenfonds en het Dorpsvernieuwingsfonds vastgesteld. De openstellingsperiode loopt van oktober 2025 tot november 2026. In 2025 zijn vanuit deze regelingen verkennende gesprekken gevoerd met gemeenten over conceptplannen. Naar verwachting worden begin 2026 de eerste aanvragen beoordeeld. Daarnaast werken de gemeenten die deelnemen aan het huidige Regiostedenfonds tot en met 2027 aan de uitvoering van de lopende plannen, binnen de kaders van de afgegeven subsidiebeschikkingen. In 2025 is onder meer het volgende gerealiseerd: In 2025 is ook de uitvoering van de subsidieregeling Herstructurering Ruimtelijke Kwaliteit (HRK) 2021 PLUS afgerond. Voor de subsidieregeling Herstructurering Ruimteljke Kwaliteit (HRK) 2021 zijn enkele projecten in de uitvoering vertraagd. Voor deze projecten is uitstel verleend tot uiterlijk 2027. De financiële vaststelling volgt medio 2026, op basis van de accountantscontrole. | |
3.01.07 Ruimtelijke ontwikkeling van Drenthe - Omgevingswet | |||
Ons doel is het doorontwikkelingen van de Omgevingswet en continue verbeteren van de in en externe processen en voldoen aan de wetgevingen waaronder: |
| Ontwikkelingen Digitaal Stelsel Omgevingswet (DSO): | |
Welke feiten en cijfers zijn er?
- Om de doelstellingen uit de Regionale Woondeals te halen, moeten gemiddeld circa 1.800 bruto woningen per jaar aan de Drentse woningvoorraad worden toegevoegd.
- In 2025 zijn er bruto 1.609 woningen gerealiseerd. Dit is een stijging van 130 woningen ten opzichte van 2024. Maar blijven we iets achterlopen op de streefwaarde van 1.800 woningen per jaar.
- De provinciale Woningbouwmonitor laat zien dat er momenteel voldoende plancapaciteit beschikbaar is om tot en met 2030 aan de doelstellingen van de Regionale Woondeals te voldoen. Het gaat hierbij om een plancapaciteit van 163%. Het Rijk hanteert een streefwaarde van 130% van plancapaciteit om planvertraging en uitstel op te vangen.
- Uit het monitoringsysteem blijkt ook dat er naar verwachting tot en met 2030 voldoende betaalbare woningen in Drenthe worden gebouwd.
- In 2025 zijn circa 300 adviezen uitgebracht over ruimtelijke ontwikkelingen.
- In 2025 is één reactieve aanwijzing gegeven.
- In totaal hebben 386 inwoners van Drenthe en ruim 100 maatschappelijke partners en medeoverheden input geleverd op het concept van de Omgevingsvisie.
- In 2025 is het eerste projectbesluit vastgesteld.
Wat heeft deze beleidsopgave gekost?
3.01 Ruimtelijke ordening en Wonen | Primitieve begroting | Begroting na wijziging | Realisatie | Verschil | |
Lasten | 24.687.149 | 25.205.062 | 5.933.966 | 19.271.096 | |
|---|---|---|---|---|---|
Doelstelling 3.01.01 Wonen - volkshuisvestingsbeleid | 921.732 | 914.732 | 921.732 | -7.000 | |
Doelstelling 3.01.03 Wonen – programma uitvoering regionale woondeals | 1.916.046 | 3.916.046 | 3.532.152 | 383.894 | |
Doelstelling 3.01.04 Wonen – programma circulair bouwen | 150.000 | 185.000 | 168.457 | 16.543 | |
Doelstelling 3.01.05 Ruimtelijke ontwikkeling van Drenthe mét ruimtelijke kwaliteit | 2.362.548 | 2.824.965 | 965.875 | 1.859.091 | |
Doelstelling 3.01.06 Ruimtelijke ontwikkeling van Drenthe - Stads- en dorpsvernieuwing & retail | 19.051.823 | 17.279.927 | 280.980 | 16.998.947 | |
Doelstelling 3.01.07 Ruimtelijke ontwikkeling van Drenthe - Omgevingswet | 285.000 | 84.392 | 64.770 | 19.622 | |
Baten | -105.250 | -251.520 | 146.270 | ||
Doelstelling 3.01.03 Wonen – programma uitvoering regionale woondeals | 0 | -5.250 | -150.618 | 145.368 | |
Doelstelling 3.01.05 Ruimtelijke ontwikkeling van Drenthe mét ruimtelijke kwaliteit | 0 | -100.000 | -100.902 | 902 | |
Saldo | 24.687.149 | 25.099.812 | 5.682.446 | 19.417.366 | |
Ontwikkelingen
- In 2025 zijn de gesprekken met Defensie voortgezet over de uitbreiding van oefenterrein De Haar. Met het Rijk en de gemeente Midden-Drenthe zijn we in gesprek gegaan over het opzetten van een zorgvuldig gebiedsproces voor inwoners en ondernemers, een goede compensatieregeling voor het gebied en op welke wijze logische koppelingen met lokale belangen kunnen worden gemaakt, zoals bijvoorbeeld agrarisch medegebruik. Het uitgangspunt is zorgvuldig ruimtegebruik. Deze gesprekken lopen nog door in 2026. Het Rijk verwacht na de zomer 2026 met een definitief uitvoeringsprogramma Ruimte voor Defensie te kunnen komen, waarna het gebiedsproces zal worden opgestart.
- De Wet versterking regie op de volkshuisvesting geeft het Rijk en provincies meer regie op waar, hoeveel en voor wie wordt gebouwd. De nadruk ligt op betaalbaar wonen en gelijke kansen voor urgente woningzoekenden. De wet ligt nu bij de Eerste Kamer. Wij bereiden ons voor op extra taken, zoals toezicht op volkshuisvestingsprogramma’s en urgentieregelingen. Gemeenten worden gestimuleerd om bij beleidsactualisaties rekening te houden met deze kaders.
- De komende jaren blijven we werken aan de doelen van de Omgevingswet. Dit vraagt blijvende aandacht voor de inrichting en het leren werken onder de Omgevingswet.
- Het Omgevingswet-instrument Projectbesluit wordt steeds vaker ingezet. Om aan onze wettelijke taken te voldoen werken we daarom aan de inrichting van de projectorganisatie Ruimtelijke Projecten met bijbehorende financiële middelen. Op deze manier kan de provinciale regierol onder de Omgevingswet waargemaakt worden en grootschalige ruimtelijke ontwikkelingen verder worden gebracht door de juiste besluitvorming.
